Kindertandheelkunde en angstbegeleiding

In tegenstelling tot wat vaak gedacht wordt, behoeft het melkgebit evenveel zorg en aandacht als het blijvende gebit. Daar komt nog bij dat de eerste bezoeken en eventuele behandelingen voor een groot gedeelte bepalen hoe makkelijk of moeilijk de gang naar de tandarts in de toekomst zal zijn. Door veel tijd uit te trekken voor de eerste bezoeken en behandelingen, kan er voldoende aandacht besteed worden aan de kennismaking, het opbouwen van een vertrouwensrelatie en de uitleg van de behandelingen. Verder worden alle behandelingen waarbij enig ongemak te verwachten is onder verdoving uitgevoerd. Door een bepaalde techniek en andere benamingen te gebruiken kan de verdoving vrijwel gevoelloos en onmerkbaar gegeven worden.

 

Het belang

Bij melkkiezen, kan net als bij de blijvende, de zenuw ontstoken raken t.g.v. een diep en /of onbehandeld gaatje. Dit gaat bijna altijd gepaard met pijn en er kan zich eventueel een abces (dikke wang) vormen. In dit stadium is een behoudende behandeling bijna niet meer mogelijk en zal het melkelement vaak verwijderd moeten worden. Dit in tegenstelling tot de blijvende elementen, waarbij bijna altijd een wortelkanaalbehandeling uitgevoerd kan worden. Het vroegtijdige verlies van 1 of meer melkelementen kan, afhankelijk van de lokatie , nadelige gevolgen hebben. Ruimtegebrek, ontstaan door het opschuiven van de eerste blijvende kies, is hier een belangrijk voorbeeld van. Wetende dat juist bij melkelementen de afstand van het glazuur tot de zenuwkamer veel kleiner is dan bij blijvende elementen en dat door het melkwitte glazuur gaatjes met het blote oog moeilijker te ontdekken zijn brengt dit ons tot de noodzaak van een regelmatige en nauwkeurige controle van het melkgebit.

 

Het melkgebit en de wisseling

Wanneer een kind 6 tot 8 maanden oud is zullen de eerste 2 centrale (hoofd-) melksnijtandjes in de onderkaak doorbreken. In de 9-e/10-e maand breken deze tandjes in de bovenkaak door. Rondom de leeftijd van 1 jaar breken de laterale (zij-)melksnijtandjes door, boven meestal eerder dan onder. In maand 14 tot 18 breken de eerste melkkiezen door, met 1,5 tot 2 jaar de melkhoektanden en met 2 tot 2,5 jaar breken de tweede melkkiezen door. Een kind kan zeker wel wat last ondervinden van de doorbraak en kan soms ook wat koortsig zijn.

In de wisseling van de melktanden en kiezen, lopen meisjes in het algemeen wat voor op jongens (sorry jongens, de meiden zijn wat sneller!!). Rond het 6-e levensjaar breken de eerste blijvende grote kiezen in de bovenkaak (1-e molaren) door. Let op, deze komen achter de laatste melkkiezen door en er wordt dus niets gewisseld. Ongeveer 2 maanden later breken deze zelfde kiezen in de onderkaak door en gaan de eerste melktandjes wisselen en wel de centrale (hoofdsnijtanden) in de onderkaak. Rond het 7-e jaar zijn de centrale melksnijtanden in de bovenkaak aan de beurt. Niet veel later gevolgd door de laterale (zij-) melksnijtanden in de onderkaak en rond het 8-e jaar die in de bovenkaak. Nu volgt een periode van 1,5 tot 2 jaar waarin niets gebeurt. Rond het tiende jaar gaan de eerste melkkiezen in de boven- en onderkaak en de melkhoektand in de onderkaak in wisseling, 6 tot 8 maanden later gevolgd door de melkhoektanden en de tweede melkkiezen in de bovenkaak. Rond het 11-e jaar wisselen, meestal als laatsten, de tweede melkkiezen in de onderkaak. Tussen het 11-e en 12-e levensjaar komen achter de eerste grote blijvende kiezen de tweede grote kiezen (2-e molaren) door. (hiervoor wordt dus ook niets gewisseld!) In plaats van de melkkiezen komen de blijvende kleine kiezen oftewel de premolaren. Let op! Dit wisselschema is een gemiddelde, andere volgordes en wisselleeftijden zijn heel normaal. Sommige kinderen kunnen wel een jaar later of eerder gaan wisselen. Als u twijfelt of alles wel goed verloopt, dan is het verstandig om dit tijdens de controle of eerder ter sprake te brengen.

Wanneer moet een kind voor de eerste keer naar de tandarts?

Dit is een moeilijke vraag die niet eenduidig te beantwoorden is. Het algemene advies luidt om kinderen van jongs af aan zo vaak mogelijk bij de controles mee te nemen. Op deze manier kunnen ze wennen aan de tandarts en de omgeving. Door het kind op een speelse manier bij de controle te betrekken worden de basisuitvoeringen als niet bedreigend ervaren en zal het kind al snel zelf ook in de stoel willen zitten. Het is natuurlijk de meest ideale situatie als uw kind in een rustig tempo aan de tandarts en de handelingen kan wennen. Lastiger wordt het immers wanneer uw kind pas voor het eerst komt met een door u ontdekt gaatje of zelfs met pijn. Met name als het om een acute pijnklacht gaat, zal er de eerste keer meteen wat gedaan moeten worden. Dit vraagt om een meer gespecialiseerde aanpak, veel tijd en geduld en zelfs dan zal het niet altijd op rolletjes lopen. Het is begrijpelijk dat in een dergelijk scenario een grotere kans bestaat op het ontstaan van weerstand of angst voor de tandarts.

Het eerste controlebezoek bij VarioDenT

Afhankelijk van hoe het kind zich tijdens de controleafspraken gedraagt, zal het op een gegeven moment voor de eerste keer in de stoel komen te zitten. Belangrijk hierbij is dat het heel ongedwongen en vrijwillig gebeurt. Het is vaak beter om thuis voor het voorgenomen tandartsenbezoek niet al te veel te praten over het naar de tandarts gaan. Juist met alle goede bedoelingen om het kind voor te bereiden kan het juist daardoor minder goed gaan. Allen al het zinnetje “het is helemaal niet erg”, kan het kind op scherp zetten. Want dat wordt wel vaker gezegd als er b.v. een vies hoestdrankje ingenomen moet worden of wanneer er door de dokter een klein prikje gegeven moet worden. Juist dan is het kind heel erg op zijn hoede voor wat er eventueel zou kunnen gaan gebeuren en alles wat nieuw is, wordt dan al snel als bedreigend ervaren en zullen ze dan ook niet willen. Als een kind onbevooroordeeld is, zal het eigenlijk alles wat er tijdens de controles plaats vindt als erg leuk ervaren. Als de tandarts ziet dat een kind heel nieuwsgierig staat mee te kijken naar wat er bij papa en mama gebeurt, dan zal de tandarts het kind al snel bij de behandeling betrekken door te vertellen wat er allemaal gedaan wordt. Zo zijn wij bijvoorbeeld aan het tellen hoeveel tanden en kiezen papa, mama, zusje of broertje hebben. De nieuwsgierigheid wint het dan in bijna alle gevallen van de eventuele onwennigheid en vaak zit een kind al in de stoel voor we er erg in hebben. Bij zo’n eerste keer doen we in principe niet veel, we tellen de tanden en kiezen en alleen als het erg goed gaat en het kind vindt het leuk dan wordt er ook nog gekleurd op plak, een poetsinstructie gegeven en gepolijst. Spelenderwijs introduceren we dan de afzuiger (stofzuiger) en de meerfunctie tip (de wind en water blazer). Een goede basis voor toekomstige behandelingen als sealen en eventueel boren is gelegd. Het kind went tijdens de controles aan het feit dat we in de mond bezig zijn met allerlei dingen en ervaart dit als niet bedreigend maar als leuk.

 

Wanneer zo’n eerste bezoek goed verlopen is, zullen de daaropvolgende controles standaard het volgende inhouden:

 

1. Controle van gezondheid tanden, kiezen en tandvlees met behulp van spiegel, sonde en pocketsonde.
2. Controle van de wisseling en groei van het gelaat/ kaakrelatie.(wel/geen beugel?)
3. Plak en poetscontrole met behulp van een kleurtest en een poetsinstructie. Een zeer belangrijk onderdeel in de preventie van het ontstaan van gaatjes.
4. Reiniging van het gebit bestaande uit polijsten en eventueel tandsteen verwijderen.
5. Indien aanvullende informatie gewenst is kunnen er na overleg met de ouders röntgenfoto’s gemaakt worden.
6. Indien geïndiceerd, een fluoridebehandeling.
7. Bespreken van eventueel noodzakelijke vervolgbehandelingen.

 

De eerste behandeling

Wanneer er tijdens de controle iets ontdekt wordt zal dit bijna nooit meteen behandeld worden. Er wordt een andere afspraak gemaakt van minimaal een half uur. Deze tijd hebben wij nodig om tijdens de behandeling alles rustig uit te kunnen leggen aan het kind. Het is dus niet nodig, en vaak zelfs onverstandig, om het kind thuis voor te bereiden op de behandeling. U kunt namelijk goedbedoeld de spanning voor het bezoek opvoeren door beloningen te beloven (het kind heeft dan heel goed door dat er “iets” te gebeuren staat) of door teveel uitleg te geven met bewoordingen waar het kind negatieve associaties mee heeft. Ook kunt u onbedoeld eventuele angst of negatieve ervaringen van uzelf doorgeven. Wel is belangrijk om aan het kind te melden waarvoor hij nog een keer terug moet komen. Wij zullen dit altijd zelf aan het einde van de controle vertellen en gedeeltelijk uitleggen. Bijvoorbeeld dat we een bruin plekje in de kies mooi wit gaan maken en dat we de kies dan gaan laten slapen met wat slaapwater naast de kies.

Als blijkt dat een kind, om wat voor reden dan ook, erg moeilijk behandelbaar is en veel angst of onwil ten toon spreidt, zult u er rekening mee moeten houden dat er diverse gewenningsafspraken gemaakt moeten worden. In een rustig tempo zal getracht worden het vertrouwen te winnen waardoor de uiteindelijke behandeling met medewerking van het kind uitgevoerd kan worden.

Voor of tijdens de behandeling zal meestal aan de ouders soms gevraagd worden om in de wachtkamer plaats te nemen. Dit kan nodig zijn als wij merken dat het kind zich achter u verschuilt, wat het contact en de communicatie van de tandarts met het kind verstoort. En dat is nu net zo belangrijk als wij het vertrouwen en de medewerking van het kind proberen te verkrijgen.